Stel je het volgende voor. Op het hoogtepunt van de crisis besluit je van je partner te scheiden. Geen goede timing, maar sommige zaken laten zich nu eenmaal moeilijk timen. Omdat je partner de kinderen toegewezen krijgt van de rechter, mag die in jullie huis blijven wonen. Op zich vind je dat prima. Het zijn immers ook jou kinderen. Maar nu moet je ergens anders gaan wonen. Aanvankelijk denk je nog wel een woning te kunnen vinden met voldoende slaapkamers voor de kinderen, als die komen logeren, maar dat blijkt al snel onbetaalbaar. Dat wil zeggen, op de particuliere markt. En om voor een sociale huurwoning in aanmerking te kunnen komen, moet je eerst 7 jaar op een wachtlijst staan. Aan de andere kant van het land kun je wel terecht, maar dat kan niet in verband met je werk. Je zit klem. Betaalbare woningen zijn niet op korte termijn te vinden. Niet betaalbare woningen zijn niet te betalen.

Gelukkig kun je tijdelijk bij een oud collega logeren. Tot het slechter gaat op je werk. En omdat je door alle problemen niet echt een modelwerknemer was, vlieg je er als een van de eersten uit bij de aangekondigd ontslagronde. Bovendien wordt je oud-collega inmiddels op zijn uitkering en andere toeslagen gekort omdat jij daarbij in huis woont. Je mag van hem prima bij hem blijven wonen, maar dan moet je je wel uitschrijven op zijn adres. Dat doe je, om een leven op straat te voorkomen. Maar wie niet ingeschreven staat bij de gemeente, krijgt zelf ook geen steun. Sterker nog, je mag niet eens gebruik maken van de maatschappelijke opvang, merk je. Ondertussen loopt je ww af en moet je aanspraak gaan maken op de bijstand. Maar omdat je oud-collega in een andere stad woonde dan jij, kan je daar geen aanspraak op maken. Je zult terug moeten naar de stad waar je ‘regiobinding’ hebt. Precies de stad waar je geen woning kon betalen, of op een wachtlijst voor een gewone woning terecht zou komen.

Maar dan is het lot je gunstig gezind. Je vindt een nieuwe baan en kan meteen aan de slag. Het is weliswaar in een andere stad, maar het is beter dan niets. En de wachtlijsten voor de sociale woningbouw zijn zo kort, dat je vrijwel gelijk een woning kan krijgen. Je moet alleen nog even een ib60 formulier overleggen om te laten zien dat je niet teveel verdient. Enthousiast bel je de belastingdienst. Maar die kunnen het alleen opsturen als je een adres hebt. Terwijl je dat formulier juist nodig hebt om een woning en een adres te krijgen. Het pendelen is niet vol te houden. Je verliest je nieuwe baan en bent weer terug bij af. Geen huis, geen inkomen, geen opvang. Uiteindelijk beland je op straat. Verwarde systemen maken verwarde personen.

 

 

Auteur(s):  AJ Kruiter, Eelke Blokker, Harry Kruiter, Renée Frissen, Bram, Eidhof, Cher Steinfeld

Gepubliceerd in:  Zorg en Welzijn

Datum van publicatie:  1 april 2016