- ↲ Klimaat
- ↲ Klimaatwerk
De waarde van signalerend opbouwwerk in de wijk
De warmtetransitie vraagt veel van bewoners. Maar het biedt ook kansen om hen achter de voordeur te helpen met andere vragen en problemen. In Bospolder-Tussendijken (Rotterdam) werd het aardgasvrij maken gekoppeld aan een sociale aanpak, met de Verbindingskamer als spil. IPW Klimaatwerk onderzocht wat hun 'signalerend opbouwwerk' oplevert en waarom het loont om dit voort te zetten in de wijk.
Een aardgasvrije én leefbare wijk
Tussen 2020 en 2026 werden zo'n 1500 woningen in BoTu aangesloten op stadsverwarming. De gemeente Rotterdam, woningcorporatie Havensteder, Eneco en wijkinitiatieven spraken af dat bewoners tijdens de werkzaamheden ook geholpen zouden worden met andere zaken die speelden. Om die signalen op te vangen, schakelden zij de Verbindingskamer in: een onafhankelijk team onder leiding van Marianne Lock, dat jarenlang de deuren langsging, vertrouwen opbouwde en bewoners koppelde aan de juiste hulp. Maar nu de gebiedsaanpak is afgerond, stopt ook de inzet van de Verbindingskamer. De gemeente Rotterdam vroeg IPW-Klimaatwerk daarom te onderzoeken wat hun werkwijze precies heeft opgeleverd, en hoe deze geborgd kan worden in Bospolder-Tussendijken.
“Met een simpele vraag als ‘Hoe gaat het met u?’ werden mensen bereikt die anders vaak buiten beeld blijven.”
Met een bloem in de hand belden de opbouwwerkers van de Verbindingskamer aan bij bewoners en vroegen simpelweg: ‘hoe gaat het met u?’ Zo haalden ze in totaal zo'n 200 signalen op — van eenzaamheid en oplopende schulden tot een onveilige thuissituatie of dreigende huisuitzetting. Via een sociaal team werden deze signalen opgevolgd, waardoor mensen die anders vaak onzichtbaar blijven, nu wél gezien en geholpen werden. Vier cases in het rapport laten zien hoe kleine interventies — een douchestoel, een tolk, een gesprekje op de galerij — escalatie voorkwamen die anders tienduizenden euro's aan jeugdhulp of beschermd wonen had gekost.
Lokale behoeften sturend maken
Ons onderzoek laat zien dat de warmtetransitie kansen biedt om bewoners en de wijk vooruit te helpen. Het signalerend opbouwwerk bespaart bovendien kosten binnen onder meer de Participatiewet, de Jeugdwet en de Wmo en sluit aan bij bredere beleidsdoelen rond passende zorg, bestaanszekerheid en een sterke sociale basis.
“Als je lokale behoeften centraal stelt in plaats van KPI’s, ontstaan betere resultaten voor bewoners én de wijk.”
Reden genoeg om hier als gemeente en lokale instanties blijvend in te investeren. In ons rapport stellen we daarom voor om twee onafhankelijke buurtverbinders aan te stellen die op dezelfde manier dit werk voortzetten in BoTu, vanuit een buurthuis in de wijk. Wel is het essentieel om lokale behoeften sturend te maken in de werkwijze van de buurtverbinders. Met de Verbindingskamer hebben we immers gezien dat als je je primair richt op de lokale behoeften, je tot betere resultaten komt. In bijeenkomsten met gemeente, woningcorporatie en welzijnspartij hebben we op basis van onze analyse samen gezocht naar deze en andere mogelijkheden om deze werkwijze voor te zetten in de wijk.
Rapport lezen
Benieuwd naar de volledige resultaten? Lees het hele rapport hier.